Uit de oude doos!

Hoe is Korfbal ontstaan

Een Amsterdamse onderwijzer, Nico Broekhuysen deed in Zweden het idee voor korfbal op. In die tijd was er zowel in Nederland als in Zweden spraken van gebrek aan lichamelijke opvoeding. Er was behoefte aan gymnastische oefeningen voor zowel jongens als meisjes op de scholen. Broekhuysen nam in Zweden deel aan een cursus voor spelleiders. Hij maakte kennis met een groot aantal gymnastische spelen. Een daarvan was ‘ringbol’. De ‘doelen’ bestonden uit twee palen, waaraan aan de bovenkant een ijzeren ring bevestigd was. Terug in Nederland aangekomen gaf hij zijn leerlingen eerst spelletjes waarbij zij eerst met een voetbal (no.5) leerden omgaan. D.w.z. de bal gooien, vangen, eerst in stilstand, later tijdens beweging. Deze oefeningen werden gegeven in de vorm van spelletjes als jachtbal en vierkantbal, welk laatste een prachtvoorbereiding voor korfbal is. Op deze manier is in het jaar 1903 het spel korfbal ontstaan. Broekhuysen richtte vervolgens de Nederlandse Korfbal Bond op. Pas zo’n zeven jaar later is men buiten op gras wedstrijden gaan spelen in competitievorm. Omdat er in de winter nauwelijks gespeeld kon worden door de kou, kwam Jan Mazure op het idee om een indoorwedstrijd te organiseren. Hieruit is in 1952 het microkorfbal, korfbal in een zaal, ontstaan. Doordat een hele hoop korfbalverenigingen een groot damesoverschot hadden, is later naast het gemengde korfbal ook het zogeheten Dameskorfbal ontstaan.

Benodigheden:

Hier maken we eerst even onderscheid tussen het veld en de zaal:
Veld: 
Lijnen, 2 strafworpstippen, 2 palen en 2 korven.
Zaal:
 2 palen en korven.

De afmetingen van veld en palen zijn voor korfballers uit een verschillende leeftijdscategorie niet hetzelfde. De grote van het veld, de hoogte van de paal en de hoeveelheid spelregels alsook de lengte van de wedstrijden groeien als het ware mee met de leeftijd van de korfballer. Kinderen van 5-6 jaar oud beginnen op een veld bestaande uit een vak en korven van 1.50 meter hoog. Uiteindelijk krijgen zij als senioren te maken met een groter speelveld.

2 teams, elk bestaande uit 4 heren (h) en 4 dames (d) bij gemengd korfbal. Bij dameskorfbal: 8 (d). Scheidsrechter + linesmen ( alleen op hoogste niveau.<br />

Doel van het spel.

Het doel van het spel is om zo vaak mogelijk de bal door de korf van de tegenstander te gooien (langs boven!! Natuurlijk, onderlangs telt niet!). Hiervoor zijn er twee technieken:

Afstandsschot: met 2 handen de bal van grote(re) afstand in de korf proberen te schieten.
Doorloopbal: In een snelle loop richting de paal de bal ‘in vogelvlucht’ onderhands richting de korf gooien.
Om dit allemaal een beetje moeilijker te maken zijn er ook spelregels in het leven geroepen.

Spelregels.

Spelers moeten binnen hun vak blijven. De lijnen behoren niet (!) tot het speelveld (lijn=uit). Als er twee doelpunten zijn gescoord wisselen alle spelers van het vak en functie. Dit gebeurt dus voor het eerst bij een stand van 2-0 of 1-1. Lichamelijk contact is niet toegestaan. Je mag niet lopen met de bal. Je moet eenzelfde voet op de plaats houden. De bal mag niet uit/van de handen gepakt, geslagen worden.<br />Begrip Verdedigd: Een aanvallende spelers is verdedigd als hij een doelpoging doet terwijl een verdediger tussen de aanvaller en de paal in staat/loopt op maximaal een meter van de aanvaller vandaan met minstens een hand in de lucht en met de ogen/ het gezicht naar de aanvaller gericht. Een speler die verdedigd wordt kan dus nooit een geldig doelpunt scoren!!<br />Alleen spelers van hetzelfde geslacht mogen elkaar verdedigen. Bij dameskorfbal mogen de speelsters binnen een vak elkaar allemaal verdedigen. Lengte van de wedstrijd 2 x 35 minuten (binnen 2 x 30 minuten). Er mag 2x gewisseld worden (dus 2H, H en D of 2D) en eventueel een (derde) blessure-wissel. De sancties bij overtredingen zijn vrije bal, strafworp, gele/rode kaart. Een speler met een rode kaart mag vervangen worden!!!

Competitie - opzet.

Gemengde competitie en dameskorfbal competitie parallel aan elkaar. September tot en met Oktober: eerste gedeelte veldcompetitie. November tot en met Maart: volledige zaalcompetitie. April tot en met Mei tweede gedeelte veldcompetitie (vervolg op het eerste gedeelte). Een korfbalteam kan dus de zaal en veld competitie op verschillend niveau spelen en tegen andere tegenstanders.